![]() | ||||
![]() | |FR|EN|DE| |start|info|contact| | |||
![]() | ||||
![]() |
![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Geschiedenis van het bier De geschiedenis van het bier Het Oude Egypte De biercultuur vindt zijn oorsprong in het oude Mesopotamië, het Tweestromenland tussen Eufraat en Trigis. Daar werd omstreeks 6.000 v C. een stenen plaat gevonden met primitieve afbeeldingen van een brouwproces. Bier brouwen was in het Oude Egypte reeds aan zeer strenge regels gebonden. Een brouwer die bier van slechte kwaliteit durfde afleveren, riskeerde in zijn eigen gerstenat verdronken te worden! Zowel in Babylonië als in Egypte kende men verschillende soorten bier. Om de drank een bepaalde smaak te geven, werden allerlei planten en kruiden toegevoegd. Ook vandaag nog experimenteren brouwers met kruiden. Het Romeinse Rijk De Romeinen legden zich toe op de productie van wijn en plantten volop wijngaarden aan. Maar in streken waar de druiven omwille van een minder gunstig klimaat geen kans maakten, ging men graan verbouwen waarvan onder andere bier gebrouwen werd. Bier diende toendertijd om de dorst van de Romeinse legioenen te lessen. Bier kwam overal voor de wijn. Dionysius werd God van de Wijn slechts nadat hij eerst geregeerd had als Sabazios, de archaïsche God van het Bier. De Middeleeuwen In de veertiende en vijftiende eeuw schoten brouwerijen als paddestoelen uit de grond. Bier werd een populaire volksdrank. De brouwerij De Horen in Leuven, de latere brouwerij Artois, werd in die periode opgericht, meer bepaald in 1366. Het drinken van bier werd in de Middeleeuwen geenszins als schadelijk ervaren. Integendeel! Binnen de kloostermuren werd volop bier gedronken. In bepaalde kloosters zouden de nonnen meer dan vijf liter bier per dag gedronken hebben of hadden ze althans recht op die hoeveelheid! Het delen van voedsel kwam veel voor in die tijd en verliep langs een soort sociale ladder. Een broeder van geringe komaf kreeg bijvoorbeeld slechts water en tijdens hoogdagen één liter wijn. Van hogere komaf zijn betekende soms alle dagen wijn, enz. De benifianten gaven dan dikwijls de wijn weg in ruil voor andere gunsten. In de Middeleeuwen verenigden de brouwers zich in gilden. In de Lage Landen vormden zij machtige groepen die accijnzen betaalden aan de vorst, met als gevolg dat de vorst ook rekening met hen moest houden. In Luik bijvoorbeeld, werden de accijnzen op het bier gebruikt voor het onderhoud van de stad en ook Leuven had zijn welstand aan de brouwerij te danken. Bier was zeer populair. Er werd veel meer bier gedronken dan tegenwoordig het geval is. De ontdekking van Louis Pasteur De Franse Omwenteling (1792-1794) betekende het einde van de kapitaalkrachtige brouwersgilden. Tegelijkertijd werd menig klooster vernield en daarmee ging ook een groot deel van de brouwersactiviteiten binnen de kloostermuren verloren. Aan de economische chaos waarin België verzeilde, werd een eind gemaakt door Napoleon. Nadien konden lokale brouwerijen hun acitiviteiten langzaam heropstarten. 1880 is een keerpunt in de geschiedenis van het bier. De Franse natuurkundige Louis Pasteur geeft het brouwen van bier een definitieve wending. De smaak van bier wordt bepaald door de gisting: gistcellen zetten de suikers om in alcohol. Deze gisting gebeurde aanvankelijk spontaan, zodat het onmogelijk was om de smaak vooraf te bepalen. De brouwers konden alleen maar hopen dat het eindproduct in de smaak zou vallen. Dankzij de kennis van Pasteur gingen de brouwerijen weer volop floreren. Op het einde van de 19de eeuw telde België maar liefst 3.200 brouwerijen. Brouwers boerden goed en genoten stand aanzien. De twintigste eeuw De bloeiende brouwerijnijverheid moest een tweede harde slag verduren tijdens de Eerste Wereldoorlog. Uit gebrek aan personeel en grondstoffen moest de helft van de Belgische brouwerijen sluiten. Na de oorlog werden een aantal brouwerijen heropgestart en gemechaniseerd. De brouwerijen kregen een nieuwe klap te verwerken tijdens de oorlog van '40 - '45. Opnieuw werden grondstoffen schaars, maar dit keer werd beroep gedaan op 'erzatz' grondstoffen, weliswaar van mindere kwaliteit. Na de Tweede Wereldoorlog bleven in België nog 775 brouwerijen over. Ondertussen zijn vele van de kleine, meestal familiebedrijven, verdwenen op opgekocht door de grotere. Vandaag telt ons land nog een honderdtal brouwerijen. | ![]() |
| ![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| ©2001 - bg | ![]() | | Webmaster| web-badges | | ![]() | ![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||